11 mrt Hoe krijg je inzage in het rapport over grensoverschrijdend gedrag?
Een van de meest frustrerende aspecten van een beschuldiging van grensoverschrijdend gedrag is de informatie achterstand waarmee je als beschuldigde vaak te maken hebt. In veel gevallen is er een rapport opgesteld maar mag de beschuldigde dat niet inzien. Hierdoor heb je als beschuldigde geen beeld van het volledige verhaal. Door het nieuwe bewijsrecht kun je in het kader van een procedure recht hebben op inzage in het rapport over grensoverschrijdend gedrag. In elk geval in een deel daarvan. Dat kan helpen om een betere verdediging vorm te geven. Het is natuurlijk logisch. Iemand die beschuldigd wordt, moet in het kader van hoor en wederhoor de kans krijgt om zich te verweren.
In dit soort zaken beroept een werkgever zich vaak op het belang van de klagers. Die zouden met represailles van de beschuldigde te maken kunnen krijgen.
Op welke wetsartikelen baseer je een verzoek tot inzage?
Wie een onderzoeksrapport wil inzien, kan die vordering baseren op artikel 195 lid 1 Rv. Op grond van dit artikel kan de rechter een partij bevelen om inzage, afschrift of een uittreksel van bepaalde gegevens te verstrekken als deze partij daartoe niet zelf overgaat en voldaan is aan de vereisten die voortvloeien uit artikel 194 lid 1 Rv. Deze vereisten zijn dat (i) er een rechtsbetrekking tussen partijen is, (ii) de informatie voldoende bepaald is en (iii) er voldoende belang bestaat. Als zich echter een gewichtige reden voordoet die zich verzet tegen het verstrekken van inzage, afschrift of uittreksel, zal een bevel van de rechter achterwege moeten blijven (artikel 194 lid 2 Rv).
Zijn er voorbeelden van uitspraken over inzage bij grensoverschrijdend gedrag?
In een zaak die speelde bij het Gerechtshof Den Haag verzocht de werkgever om het dienstverband met een werknemer te ontbinden wegens verstoorde arbeidsrelatie. De werkgever baseerde dit verzoek onder andere op een onderzoeksrapport. De medewerker wilde natuurlijk weten wat er dan in dat rapport over hem werd gezegd. De werkgever weigerde inzage in het rapport vanwege (volgens de werkgever) “gewichtige redenen”. De werkgever wilde het rapport geheim houden om degenen die geklaagd hadden te beschermen. Op zichzelf een begrijpelijk belang. Toch ging in deze zaak het belang van de beschuldigde om kennis te kunnen nemen van het hele rapport, voor. De werkgever kon de namen van de klagers pseudonimiseren zodat niet duidelijk was wie de uitspraken hadden gedaan. Verder moest de werknemer de inhoud van het rapport buiten de rechtszaak geheim houden. Het Gerechtshof veroordeelde de werkgever om het rapport aan de werknemer te verstrekken én in de kosten van de procedure om inzage te verkrijgen.
Hebt u te maken met een beschuldiging van grensoverschrijdend gedrag in het kader van uw werkzaamheden? Neem vrijblijvend contact met ons op of lees eerst ons artikel over de meest gemaakte fouten bij aanpak grensoverschrijdend gedrag.